Windmolenpark Kubbeweg - Project GTI

Nieuws

Energy Efficiency Congres en Nationaal Energy Debat 2007

Amsterdam,  25 september 2007

Duurzaam ondernemen vanuit win-windenken

Ons steeds hogere energieverbruik heeft grote nadelen. Milieuvervuiling, klimaatveranderingen en de gevolgen daarvan voor de mensheid zijn daarvan de meest ernstige. Wat is hieraan te doen? We kunnen de energievraag terugdringen, duurzame bronnen inzetten en fossiele brandstoffen zo schoon mogelijk toepassen. Hoe kunnen we dat bereiken zonder de concurrentiepositie van organisaties in gevaar te brengen? Zonder als consument comfort in te leveren? Zonder té hoge kosten? Deze vragen stonden centraal tijdens het Energy Efficiency Congres (EEC) en het Nationaal Energie Debat 2007 in de Passenger Terminal Amsterdam.

Als initiatiefnemer van het EEC wil GTI graag van gedachten wisselen met ondernemers, overheden, milieuorganisaties en wetenschappers over de maatregelen die de samenleving gezamenlijk kan treffen om milieu- en energiebesparing te realiseren. Duurzaamheid en economisch rendement gaan zeker hand in hand, als we onze verantwoordelijkheden maar nemen. Er zijn voldoende mogelijkheden om vanuit een win-win denken energie-oplossingen te bieden. "Een week na de Troonrede kunnen we absoluut stellen dat duurzaamheid en het zoeken naar energie-efficiënte oplossingen een belangrijk thema is", opende Edo van den Assem, CEO van GTI NV, het congres. "De techniek biedt voldoende kansen voor de korte en lange termijn. Vandaag kunt u daarover zelf uw mening vormen." Voor die meningvorming was niet voor niets een locatie in Amsterdam gekozen, benadrukte ook wethouder milieu Marijke Vos. "Onze langetermijn focus op duurzaamheid rechtvaardigt de erkenning als Energiestad. In 2015 moet de volledige gemeentelijke organisatie klimaatneutraal zijn."

Belangen zichtbaar maken
Onder leiding van dagvoorzitter Charles Groenhuijsen ging een forum* met Jan Pronk, Jan Terlouw, Edo van den Assem, Harry Hendriks (Philips), Hans Altevogt (Greenpeace) en Lucas Reijnders (UvA) tijdens het Nationaal Energie Debat 2007 in discussie over de (on)mogelijkheden en (on)gewenste gevolgen van energie-efficiency en duurzame energie. Over één ding waren zij het unaniem eens: duurzaamheid moet een tweede natuur zijn van burgers, bedrijfsleven en politiek. Dat gaat alleen niet vanzelf. De politiek moet de belangen van energie-efficiency zichtbaar maken, zodat onze samenleving in 2020 écht voor 20% 'draait op' duurzame energie.

Geloofwaardig
Charles Groenhuijsen bracht de discussie op gang middels de stelling 'Iedereen wil wel naar een meer duurzame energiehuishouding, maar het gaat zo langzaam'. Harry Hendriks: "De overheid moet het voortouw nemen, want dan fungeert ze als vliegwiel. Tegelijkertijd moeten ondernemers collectief blijven verduurzamen. Dat moeten we verheffen tot wetgeving." Lucas Reijnders: "Het bedrijfsleven kan daaraan een belangrijke bijdrage leveren door creatieve energie-efficiënte oplossingen te bieden die het consumenten tevens makkelijk maken." Edo van den Assem: "Het is en, en, en. Je moet als management duurzaam zijn. Daarnaast moeten financiële instellingen mee willen, ondanks een terugverdientijd van vijf tot zeven jaar. Ook de overheid heeft een centrale rol, met name wat betreft allerlei financiële arrangementen." Hans Altevogt: "Bedrijven moeten inderdaad onderdeel worden van de oplossing. Ik zie hier en daar forse stappen, maar die moet je ondersteunen met aanzienlijke investeringen en niet met een marketingsausje. Het moet geloofwaardig zijn." Jan Pronk: "Bedrijven moeten die stappen zelf kunnen maken binnen de kaders van een scherpere regelgeving. Alleen: de 'tegenhouders'  in de politiek houden die regelgeving tegen. Daarom hebben we voorlopers nodig en politieke druk vanuit het bedrijfsleven." Jan Terlouw: "Er staan enorme belangen in de weg. Wil je energie winnen zonder fossiele brandstoffen, dan heb je een politiek probleem. Er zijn miljarden geïnvesteerd in fossiele brandstoffen, dus daar moet een return on investment op komen. Die belangen moet de politiek zichtbaar maken. Ze moet met de grote spelers om de tafel en serieus werk maken van de doelstelling om in 2020 20% duurzame energie te hebben. Dat gebeurt nu niet en dat bevordert het rommelen in de marge. Dat begrijp ik dus niet, want er is voldoende duurzame energie."

Visionair leiderschap
Tony Frost, voormalig CEO van het World Life Fund in Zuid-Afrika, plaatste het huidige duurzaamheidsvraagstuk vervolgens in een wereldwijde context. "The earth is our only home and it is under significant threat", trapte hij af in de geest van Al Gore's 'An inconvenient truth'. "Die duurzame uitdagingen hebben wij overigens zelf gecreëerd. Sinds 1997 is de CO2-uitstoot met 30% gestegen. In 2025 hebben wij in Zuid-Afrika, maar ook in delen van China en India een aanzienlijk watertekort. Vaak zijn het juist de eenvoudige menselijke activiteiten die veel energie vergen. Mede daarom moeten wij samen nadenken over de kracht van volhoudbare (duurzame) energie. Ik ontmoette vorig jaar Patrick, een werkloze man uit Soweto. Hij wilde de rivier die door Soweto stroomt, helpen reinigen. Dat was zijn ambitie. Inmiddels is het zijn werk. Hij maakt met andere woorden het verschil. Op diezelfde manier kan iedereen het verschil maken. Dat vraagt visionair, strategisch leiderschap van ondernemers. Zij moeten het grotere geheel zien, structureel communiceren met de mensen binnen en buiten de eigen organisatie en continu kennis delen. Visionaire leiders hebben dus een voorbeeldfunctie op weg naar duurzame, alternatieve energie-oplossingen."

Doorberekening externe kosten
Prof. dr. Lucas Reijnders, hoogleraar milieukunde aan de UvA en decennialang actief voor de Stichting Natuur & Milieu, nam die rol van visionair leider meteen op zich. Hij bood de congresdeelnemers een globaal inzicht in de huidige mogelijkheden voor energie-efficiency en duurzame energie in Nederland. "Met de nu beschikbare technieken kunnen wij hetzelfde doen als met eenderde van de hoeveelheid primaire energie. Waarom gebruiken wij dat potentieel niet? Omdat slechts een deel van de technieken rendabel is en ? nóg belangrijker ? omdat er onvoldoende doorberekening plaatsvindt aan organisaties en consumenten van externe kosten die samenhangen met het milieu. Bereken je deze kosten wel door, dan bevordert dat de wil tot energie-efficiency sterk. Dat vraagt om overheidsinterventies, maar ook om bevordering van duurzame energie. De externe kosten voor fossiele brandstoffen en kernenergie liggen namelijk hoger dan bij wind- en zonne-energie. Dat maakt duurzame energie steeds aantrekkelijker als energiebron. De snelheid waarmee duurzame energie haar opmars kan voortzetten, staat of valt echter met de doorberekening van de externe kosten."

Noot voor de redactie
Nadere informatie over GTI is verkrijgbaar bij:
GTI NV, Leen Geschiere, Concernmarketing en Communicatie
Kosterijland 50, 3981 AJ Bunnik; postbus 210, 3980 CE Bunnik
Telefoon: 030 656 94 00; mobiel: 06 20 24 61 53; fax: 030 656 94 15;
email: info@gti-group.com; internet: www.gti-group.com.

* De forumdeelnemers tijdens het Nationaal Energie Debat 2007:
Jan Pronk (onder andere voormalig minister van VROM)
Jan Terlouw (voorzitter Platform Energietransitie Gebouwde Omgeving)
Harry Hendriks (directievoorzitter Philips Electronics Nederland)
Edo van den Assem (CEO GTI NV)
Hans Altevogt (campagneleider Klimaat & Energie Greenpeace)
Lucas Reijnders (hoogleraar milieukunde UvA)

SNELZOEK  Snelzoek - help